Geestelijk Leven – De Verlichting en het Woord van God – Het licht is uitgegaan

7 september, 2026

Rubrieken: Geestelijk Leven

Geestelijk Leven

De Verlichting en het Woord van God

‘Het licht is uitgegaan!’

Voorwoord

Door de Verlichting is het donker geworden; het licht is uitgegaan! Sinds de Verlichting leven wij in een wereld waarin het woord van mensen tot norm is geworden voor het denken en handelen. Uit de Verlichting is de zgn. ‘Schriftkritiek’ voortgekomen die in de christelijke kerken een grote negatieve invloed heeft uitgeoefend en het Woord van God heeft uitgehold waardoor het geleidelijk aan haar invloed en gezag verloren heeft, zeker in onze christelijke (!) westerse maatschappij. Zien we de laatste decennia de vrijzinnigheid in de katholieke en protestantse kerken toenemen, ook de Evangelische Gemeenten zullen niet ontkomen aan de verleiding om het woord van mensen hoger te gaan achten dan Gods Woord. Dat brengt het leven in een seculiere samenleving met zich mee. De primaire vraag in de theologie moet zijn wat de bron is van onze kennis van God; de rest van de theologie is dan de uitwerking van die kennis. Wat wij van God menen te kunnen zeggen, is vooral ontleend aan de Bijbel, maar dan vanuit de vooronderstelling dat de Schrift niet alleen over God spreekt, maar dit betrouwbaar kan doen doordat zij openbaring van God is, en wel primair openbaring aangaande Hemzelf. Daarom moeten wij eerst de vraag stellen of de Schrift openbaring van en aangaande God is, en zo ja, wat dit concreet inhoudt, voordat wij aan de Schrift betrouwbare kennis van God kunnen ontlenen.

Opkomst van de Verlichting

De opkomst van de Verlichting moeten we plaatsen in het midden van de achttiende eeuw. Het was een periode waarin gestreefd werd naar meer licht in de duisternis, dat wil zeggen: meer kennis, meer geluk. Het was een Europese beweging die zich vanaf 1670 vanuit Nederland en Engeland gedurende de achttiende eeuw verspreidde over de rest van Europa.

De verlichte ideeën die werden toegepast op de samenleving draaiden voornamelijk om tolerantie, vrijheid en gelijkheid. Er was een sterke focus op vooruitgang: men geloofde dat de samenleving maakbaar was en verbeterd kon (en moest) worden.

“Sapere aude,” dat was het motto van de Verlichting, heb de moed je van je eigen verstand te bedienen! Het zijn beroemde woorden, die eigenlijk op om het even wie, in om het even welke plaats en welk tijdperk van toepassing kunnen zijn. Met René Descartes kon de Verlichting beginnen. Hij bedacht een nieuwe manier om naar de wereld te kijken: door te twijfelen. De bekendste filosofen onder hen waren Charles Montesquieu (1689-1755), Voltaire (1694-1778), Jean-Jacques Rousseau (1712-1778) en de redacteuren van de Encyclopédie Denis Diderot (1713-1784) en Jean le Rond d’Alembert (1717-1783).

De Verlichting stond aldus voor bevordering van de wetenschap en intellectuele uitwisseling. De propagandisten ervan bestreden het bijgeloof, obscurantisme, misbruik van recht in kerk en staat, intolerantie en kwamen op voor zekere grondrechten. Rationeel optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de samenleving: godsdienst, politiek. Uitbouw van de Europese overheersing, met name in de vorm van plantagekolonies en de daarmee verbonden trans-Atlantische slavenhandel, en de opkomst van het abolitionisme. Wat gebeurde er tijdens de Verlichting met het geloof, de kerk het christendom? In deze fase in de samenleving moest traditie en geloof plaats maken voor verstand en rede. Verlichte denkers streden tegen intolerantie en misbruik van macht door de kerk en staat. De Verlichting riep enorme veranderingen op over hoe er werd gedacht over de samenleving en het leven.

Gevolgen van de Verlichting

De gevolgen bleven niet uit. De ideeën van de Verlichting waren de ‘motor’ van de Franse revolutie. Het idee van een maakbare samenleving kwam op in de Verlichting en werd toegepast tijdens de Franse Revolutie. Er ontstond een definitieve breuk met het tijdperk daarvoor. Toen waren de macht van kerk en koning onaantastbaar en je plaats in de samenleving lag al bij je geboorte vast. Met de Franse revolutie kwam een einde aan het feodaal systeem dat zijn oorsprong vond met de bekering van Clovis I, de eerste koning van Frankrijk, tot het christendom. Maar er wordt ook nagedacht over de inrichting van de staat. Burgers hebben recht op vrijheid en gelijkheid, aldus de verlichtingsfilosofen. Dat leidde uiteindelijk tot de Franse Revolutie in 1789. De Franse koningen probeerden de opkomst van verlichte ideeën waarin het functioneren van het Ancien Régime werd bekritiseerd te onderdrukken. Vooral onder de leden van de Derde Stand groeide verzet tegen de absolute heerschappij van de Franse koning Lodewijk XVI. Rijke burgers wilden meer invloed op het bestuur en arme burgers wilden vooral een beter bestaan. Daarnaast streefden boeren naar een eerlijkere grondverdeling en een afschaffing van de herendiensten. De gebreken van het Ancien Regime werden duidelijker zichtbaar door de staatsschuld, die groeide vanwege de vele gevoerde oorlogen. In 1789 leidde een financiële crisis tot het besluit van Lodewijk XVI om de Staten-Generaal bijeen te roepen, waarin een vertegenwoordiging van de Eerste, Tweede en Derde Stand zouden vergaderen over het lot van Frankrijk. Deze vergadering moest een aantal hervormingen accepteren, die Frankrijk er weer bovenop zouden helpen. Maar de Eerste Stand, de geestelijkheid, en de Tweede Stand, de adel, weigerden in te stemmen met de beoogde hervormingen, bang dat ze hun bevoorrechte status zouden verliezen. Hierop volgde een aantal revoluties waarin hervormingen werden geëist. Deze revoluties zouden samen worden aangeduid als de Franse Revolutie.

Universele verklaring van de rechten van de mens

Wat stond er in de verklaring van de rechten van de mens? Eenieder heeft aanspraak op alle rechten en vrijheden, in deze Verklaring opgesomd, zonder enig onderscheid van welke aard ook, zoals ras, kleur, geslacht, taal, godsdienst, politieke of andere overtuiging, nationale of maatschappelijke afkomst, eigendom, geboorte of andere status. Sommige van deze rechten zijn het recht op leven, op privacy en op een eerlijk proces; vrijwaring van foltering, van slavernij, van willekeurige detentie en van discriminatie; vrijheid van godsdienst en van meningsuiting. Op 26 augustus 1789 werd in Frankrijk de eerste universele Verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger (Déclaration des Droits de l’Homme et du Citoyen) aangenomen. De verklaring was samengesteld door de Franse markies de Lafayette en de graaf Emmanuel Joseph Sieyès. In 1948 heeft de VN de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM) bij resolutie aangenomen. De UVRM vormt de basis voor mensenrechteninstrumenten van de VN en regionale organisaties als de Raad van Europa, de Organisatie van Amerikaanse Staten en de Afrikaanse Unie. De UVRM bestaat uit 30 artikelen. Gevolgen van de Verlichting voor het Christendom

In verlicht-christelijke kringen probeerde men mee te gaan met de tijdgeest door het christendom en de kerk toleranter te maken jegens een afwijkende interpretatie van de geloofsbelijdenis. Op die manier wilde men de kerk redden. De Verlichting ging uit van het gebruik van het verstand en van de waarneming, in plaats van het verkrijgen van kennis uit de voorgegeven waarheden die het geloof gaf en die in de Bijbel te lezen waren. Wel vonden verlichte denkers als Voltaire dat ieder mens recht had op zijn eigen geloof. Het is niet juist om alleen de Verlichting als oorzaak van de Kerkverlating aan te merken, ook de houding van de clerus van de Rooms-Katholieke kerk was daarvan de oorzaak.

Gods openbaart Zich

“Daarom danken ook wij God zonder ophouden dat u, toen u van ons het gepredikte Woord van God hebt ontvangen, het ook aangenomen hebt, niet als een mensenwoord, maar (zoals het werkelijk is) als Gods Woord, dat ook werkzaam is in u die gelooft.” (1Th2:13) Dat was de overtuiging van de gelovigen in Thessaloniki, maar deze vraag nu stellen in de Christelijke kerken zal een heel ander antwoord opleveren, ben ik bang. God heeft zich geopenbaard aan de mens, en we spreken dan van een “Algemene openbaring” en een “Bijzondere openbaring.” In beide gevallen gaat het om de vraag: hoe maakt God Zich aan de mens bekend? Door de “algemene openbaring” van God kunnen we, zonder de Bijbel daarin een plaats te geven, maar door de schepping, de orde, schoonheid en grootheid van de natuur wijzen op een Schepper. De mensen hebben door het geweten een besef van goed en kwaad en van een morele verantwoordelijkheid. Enkele teksten in dit verband zijn: Psalm 19; Romeinen 1:19-20) In de “bijzondere openbaring van God” denken we o.a. aan de Bijbel, Gods Woord, de profeten en Jezus Christus, de volmaakte openbaring van God. Dit zijn de openbaringen waardoor God zich aan de mens heeft willen bekend maken. “Niemand heeft ooit God gezien; de eniggeboren Zoon Die in de schoot van de Vader is, Die heeft Hem verklaard.” (Joh.1:18)

Wat doet de mens met die openbaring van God?

Wanneer we zeggen dat de mens in de loop van de tijd is geëvolueerd dan bedoelen we daarmee dat er een geleidelijke verandering of ontwikkeling heeft plaatsgevonden; de mens is slimmer geworden! “Nu zal niets van wat zij denken te doen voor hen onuitvoerbaar te zijn.” (Gen11:6) Wanneer we evolutie gebruiken in de betekenis van vooruitgang en ontwikkeling, dan kan degradatie als het tegenovergestelde worden gezien. Degradatie is achteruitgang, verslechterende toestand. Dat kunnen we ook involutie (terug ontwikkeling) of regressie noemen. Wanneer we zeggen dat de mens steeds slimmer is geworden dan denken we vooral aan de technische vooruitgang in de wereld. De mogelijkheden lijken onbegrensd, vooral nu Artificiële Intelligentie (AI) zijn intrede heeft gedaan. Maar ook al is de mens in zijn ontwikkeling slimmer geworden, in zijn moraliteit is hij dommer geworden; hij is verduisterd geworden en de oorzaak daarvan is de afwijzing van God. Zo zegt Paulus: “… omdat wat van God gekend kan worden, onder hen openbaar is, want God heeft het hun geopenbaard – want van de schepping van de wereld af worden wat van Hem niet gezien kan worden, Zijn eeuwige kracht en Goddelijkheid, uit Zijn werken met inzicht doorzien –, opdat zij niet te verontschuldigen zijn, omdat zij, hoewel zij God kennen, Hem als God niet verheerlijkt of gedankt hebben, maar in hun overleggingen zijn zij tot dwaasheid vervallen en hun onverstandig hart is verduisterd geworden.” (Rom.1:19-21) “Verduisterd” betekent dat de mens door de zonde Gods waarheid niet meer helder en juist kan beoordelen.

Wat nu?

Die afwijzing van God, ondanks de verstrekte openbaring, heeft tot gevolg gehad dat God de mens aan zichzelf heeft overgelaten. God laat de mens de weg volgen die hij zelf gekozen heeft. God heeft ze overgegeven aan onreinheid, overgegeven aan onterende hartstochten en overgegeven aan een verkeerd denken (Rom.1:24, 26, 28). Het oordeel van God rust op die mens (Rom.2:3). Maar het tegenovergestelde is ook waar: waar God door Zijn Woord en Geest het hart verlicht, krijgt de mens weer zicht op God en op zijn eigen toestand. “God heeft geen behagen in de dood van de goddeloze, maar veeleer daarin, dat de goddeloze zich bekeert van zijn weg en leeft.” (Ez.33:11) Dat is het eeuwige erbarmen dat al ons denken overtreft, dat God in zijn erbarmen de zondaar aan zijn hart verheft. Het is de genade van God dat wij niet omgekomen zijn. In het sturen van Gods Zoon en diens offer op het kruis op Golgotha, waar de Rechtvaardige voor de onrechtvaardigen is gestorven, zien wij Gods liefde en genade ten opzichte van de verloren mens; de mens zonder God!

Tenslotte

We leven nu zo’n 250 jaar na de komst van de Verlichting, en het is donkerder dan ooit! Maar ook het streven van de mens in met zijn eigen denken de wereld tot een vorm van voleinding te brengen heeft enorme mogelijkheden geschapen. De secularisatie in onze maatschappij, die als gevolg van de Verlichting is ontstaan, is groter dan ooit. In het algemeen kunnen we zeggen dat de kerkgang, als we dat als norm nemen, enorm is afgenomen. De kerkgang in West-Europa is de voorbije decennia sterk gedaald door een verregaande secularisatie. Slechts een kleine minderheid van de West-Europeanen bezoekt nog regelmatig een kerkdienst. Een paar generaties geleden was wekelijkse kerkgang de norm; vandaag de dag is het uitzonderlijk geworden. Nergens ter wereld sloeg de ontkerkelijking zo hard toe als in West-Europa, al verdwijnt de religieuze beleving onder de oppervlakte niet volledig. De overgang naar een moderne, individuele samenleving verminderde de maatschappelijke druk en de centrale rol van de kerk behoren tot de voornaamste oorzaken. Feiten en wetenschappelijke inzichten kregen in de maatschappij een prominentere plaats dan traditionele religieuze dogma’s. Het oordeel van God en de komst van Jezus Christus behoren tot de dingen die spoedig zullen gebeuren. De duisternis zal verdreven worden door het Licht van de wereld, een nieuwe tijd breekt aan, de Zon der Gerechtigheid zal verschijnen! “Het gras verdort, de bloem valt af, maar het woord van onze God houdt eeuwig stand.” (Jes.40:8; 1Petr.1:25)

________________________________________________________________________________