Bijbel – Oude Testament
David vs. Goliath – 1 Samuël 16-17
“Meer dan Overwinnaars!”
Inleiding
“Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem Die ons heeft liefgehad.” (Rom.8:37; 1Kor.15:57)
We beginnen nu met een studie over het leven van David, “de man naar Gods hart” (1Sam.13:14; Hand.13:22). Zoals Saul een beeld is van het vleselijke leven van een ongelovige, zo is David een beeld van het geestelijke leven van de gelovige, die door geloof met de Heer wandelt. Het is waar dat David zondigde, maar in tegenstelling tot Saul beleed hij echter zijn zonden en probeerde zijn gemeenschap met God te herstellen (Ps.51). In deze drie hoofdstukken zien we drie scènes uit Davids vroege leven. Zoals David de reus Goliath overwon, zo kunnen ook wij, door de kracht van de Heilige Geest, ‘reuzen’ overwinnen! Dat de gebeurtenissen uit het leven van andere personen een goddelijke bedoeling hebben mag ten overvloede blijken uit Romeinen 15:4 en 1 Korintiërs 10:6, 11 dat zegt dat de gebeurtenissen van David en anderen, voorbeelden voor ons zijn, op wie de einden van de eeuwen zijn gekomen! David de Gezalfde
“Wie nu zichzelf zal verhogen, zal worden vernederd; en wie zichzelf zal vernederen, zal worden verhoogd.” (Mat.23:12)
Wat een schokkende uitspraak: “Ik heb Saul verworpen!” (1Sam.16:1) Deze verwerping was nog niet bekend bij het volk, en Saul deed nog steeds alsof hij de koning van het land was. Iemand kan door God verworpen worden en toch nog door mensen geaccepteerd worden, maar uiteindelijk zal God op zijn tijd het oordeel vellen. Saul was zo gevaarlijk dat Samuël een plan moest bedenken om aan zijn toorn te ontkomen toen hij Bethlehem bezocht (16:2vv.) Zie 1Sam.22:17-19 voor een voorbeeld van Sauls jaloerse woede. Toen Samuel, op Gods aanwijzing, bij het huis van Jesse aankwam om hen uit te nodigen voor het feestmaal, was David er niet eens! Hij was op het land bezig de schapen te hoeden (1Sam.16:11,19). We kunnen niet anders dan onder de indruk zijn van Davids gehoorzaamheid en nederigheid. Als jongste van het gezin had hij weinig aanzien, maar hij was trouw aan zijn vader en aan de Heer. Davids leven illustreert Mattheüs 25:21 – “Zijn heer zei tot hem: Voortreffelijk, goede en trouwe slaaf, over weinig ben je trouw geweest, over veel zal ik je stellen.” David begon als dienaar en werd heerser; hij was trouw in het verzorgen van een paar schapen die hem waren toevertrouwd en erfde een heel volk; hij wist hoe hij moest handelen, daarom gaf God hem vreugde. Vergelijk dit met de verloren zoon in Lukas 15, die begon als leider en eindigde als dienaar; die veel bezittingen had en uiteindelijk arm werd; die begon met plezier maar eindigde in slavernij. Zoals hierboven aangehaald schetst God de manier van succes in Mattheüs 25:21 en we zien dit tot werkelijkheid komen in het leven van David. David de Herder
“De jongste ontbreekt nog; zie, hij weidt de schapen.” (1Sam.16:11, 19)
Wat een tragisch contrast: de Geest kwam over David, maar verliet Saul! Een boze geest werd door God toegestaan Saul te kwellen, waardoor hij zich soms als een bezetene gedroeg. Zie 18:10 en 19:9. Zijn vreemd gedrag bracht zijn dienaren ertoe hem aan te raden een bekwame muzikant te laten komen om hem te kalmeren. Wat triest dat Sauls dienaren de symptomen aanpakten en niet de oorzaken, want muziek kon Sauls zondige hart nooit veranderen. De koning zou zich er misschien wel “beter” door voelen, maar het zou een valse vrede zijn. De dienaren hadden moeten bidden dat Saul weer in het reine zou komen met God! David was precies de man die Saul nodig had, en een van de dienaren had hem aanbevolen. We zien hier al dat Davids talenten werden erkend, maar David deed het niet zelf: God deed het. “Ziet gij een man, vaardig in zijn werk, hij zal ten dienste van koningen gesteld worden.” (Spr.22:29; 1 Petr.5:6.) Veel jonge gelovigen proberen zich op te werken naar prominente posities zonder zich eerst thuis in de kleine zaken te bewijzen. David kwam aan het hof en werd meteen een lieveling. Natuurlijk, als Saul had geweten dat God David tot koning had uitgekozen, zou hij de jongen onmiddellijk hebben proberen te doden. Toen hij dit echter ontdekte, begon Saul David te vervolgen en hem op te jagen in de woestijn van Israël. David bleef niet permanent aan het hof. “Maar David keerde telkens van Saul terug om te Bethlehem de schapen van zijn vader te weiden.” (1Sam.17:15) Hij bezocht het hof wanneer nodig, maar hij verwaarloosde zijn verantwoordelijkheden thuis niet. Wat een nederigheid! Hier is een begaafde jongen, uitgekozen om koning te worden, gezalfd door God, en toch zorgt hij nog steeds voor de schapen en werkt hij als dienaar! Geen wonder dat God David kon gebruiken. David de Strijder
“En dit is de overwinning die de wereld heeft overwonnen: ons geloof.” (1Joh.5:4)
Het verhaal van David en Goliath is bekend en bevat veel praktische lessen voor het leven van een gelovige van vandaag. We worden allemaal geconfronteerd met reuzen van de een of andere soort, maar we kunnen ze overwinnen door de kracht van God. Goliath was waarschijnlijk drie meter lang en zijn pantser woog meer dan 70 kilo. Hij was “de Filistijn” (17:8), hun grote kampioen, en hij was zo angstaanjagend dat hij het Joodse leger in paniek bracht (17:11). Als Saul een godvrezend leider was geweest, zou hij Deuteronomium 20:1-4 hebben opgeëist en zijn leger naar de overwinning hebben geleid; maar wanneer mensen geen gemeenschap met God hebben, kunnen ze anderen alleen maar naar de nederlaag leiden.
David arriveerde met proviand voor zijn broers en toonde meteen interesse in de uitdaging van de reus. Merk op dat zijn eigen broers hem beschuldigden om hem te ontmoedigen; Satan heeft altijd wel iemand die zegt: “Het kan niet.” Zelfs Saul probeerde iemand te ontmoedigen: “Je bent er niet toe in staat” (vers 33). Welnu, David was er zelf niet toe in staat, maar door de kracht van de Heer kon hij elke vijand overwinnen. (Zie Fil.4:13; Ef.3:20-21.) Saul probeerde David een wapenrusting te geven, maar omdat hij die nog nooit had beproefd, weigerde David die. Stel je voor dat Saul iemand anders vertelt hoe hij moet winnen! David had de kracht van God in het geheim bewezen op het land, waar hij voor zijn schapen zorgde; nu zou hij die kracht in het openbaar tonen tot eer van God. Merk op hoe David gedurende deze hele gebeurtenis de Heer verheerlijkt.
De praktische les hier is dat God de overwinning schenkt als antwoord op ons geloof. God had David in het geheim beproefd met een leeuw en een beer; nu zou Hij hem in het openbaar beproeven met een reus. Als we trouw zijn in de persoonlijke strijd, zal God ons door de openbare beproevingen heen helpen. Te vaak bezwijken Gods mensen bij de kleinste beproeving die op hun pad komt, zonder te beseffen dat de “kleine beproevingen” slechts voorbereidingen zijn voor de grotere gevechten die zeker zullen komen (vgl. Jer.12:5). David gebruikte eenvoudige, nederige wapens: een slinger en vijf stenen (zie 1Kor.1:27-28; 2Kor.10:3-5). David wist hoe Gideon de overwinning had behaald met zwakke wapens, en hij wist dat Gideons God niet dood was (Richt.7:19vv.). Noch de kritiek van zijn broers, noch Sauls ongeloof weerhield David ervan om op God te vertrouwen voor de overwinning. De steen trof doel; de reus viel neer, en David gebruikte het zwaard van de reus zelf om zijn hoofd af te hakken! Deze ene overwinning opende de weg voor Israël om de Filistijnen aan te vallen en hun kamp te plunderen. Wij zijn meer dan overwinnaars! Typologische toepassing
“Deze dingen hebben een zinnebeeldige betekenis. Want dit zijn twee verbonden.” (Gal.4:24)
Typologie is de leer van de typen: voorafschaduwingen van latere geestelijke werkelijkheden (Zie bijvoorbeeld: 1Kor.10:4; Joh.3:14; Heb.10:1; 1Kor.5:7, 9:9). Hieruit valt ook een belangrijke les te trekken, want David is een beeld van Jezus Christus. De naam David betekent “geliefde”, en Christus is Gods geliefde Zoon. Beiden werden geboren in Bethlehem. Beiden werden verstoten door hun broeders. (Natuurlijk, toen David koning werd, werd hij door zijn broeders aanvaard, net zoals de Joden Christus zullen aanvaarden wanneer Hij terugkeert om te regeren.) David werd tot koning gezalfd voordat hij mocht regeren, net zoals Christus nu koning is, maar niet op aarde zal regeren totdat Satan verbannen is. Koning Saul is een symbool van Satan in deze tijd; Saul werd immers verstoten en verslagen, maar mocht regeren totdat David de troon besteeg. Satan mag Gods volk vervolgen, maar op een dag zal hij verslagen worden.
Net zoals David door zijn vader naar het slagveld werd gestuurd, zo werd Christus door de Vader naar deze wereld gezonden. Goliath illustreert Satan in zijn trots en macht. Lees aandachtig Lucas 11:14-23. Satan is de sterke man die zijn bezittingen bewaakt (mensen onder zijn controle), en Christus is de Sterkere Man die hem overwint. Christus viel Satans rijk binnen, overwon zijn macht, nam zijn wapenrusting af en verdeelt nu zijn buit door verloren zielen te redden en hen tot kinderen van God te maken. Dit is wat David die dag deed: hij overwon de sterke man en stond Israël toe de buit te verdelen (17:52-54). Wij christenen strijden niet alleen voor de overwinning, we strijden vanuit de overwinning, de overwinning die aan het kruis is behaald (Kol.2:15). “Wees “Hebt goede moed”, zei Jezus, “Ik heb overwonnen.” (Joh.16:33) Tenslotte
Waarom Saul David, zijn eigen wapendrager, niet herkende, is niet helemaal duidelijk (1Sam.17:55-58). Waarschijnlijk zag hij David toen hij onder invloed van een boze geest was. Een andere mening is dat David aan het hof meerdere dienaren had, en het zou niet ongebruikelijk zijn geweest als Saul hen door elkaar had gehaald. Maar omdat Saul zijn dochter aan de overwinnaar had beloofd, zou hij toch zeker naar de familie van de jongen hebben gevraagd. Nog weer anderen denken dat Saul bedoelde dat hij David wel kende als muzikant, maar niet als een strijder.
Reminder:
“Wat God in het leven van andere gelovigen heeft gedaan, kan hij ook in jouw leven doen!”
“Elia was een man van gelijke natuur als wij, en hij bad een gebed dat het niet zou regenen, en het regende drie jaar en zes maanden niet op aarde. En hij bad opnieuw, en de hemel gaf regen en de aarde bracht haar vrucht voort.” (Jak.5:17-18) Wanneer we in de Bijbel lezen over gelovigen die grote daden hebben verricht, of gelovigen in onze tijd die geestelijke geweldenaren waren en tot grote zegen voor anderen zijn geweest, moet dat ons niet ontmoedigen. Het waren allemaal mensen van “gelijke natuur als wij,” en wat God in het leven van andere gelovigen heeft gedaan, kan hij ook in jouw leven doen!
________________________________________________________________________