De heilsgeschiedenis ingebed in de wereldgeschiedenis.
Inleiding
Laat ik beginnen met mijn oprechte waardering uit te spreken voor de moed die Ouweneel heeft getoond door met een andere eindtijdvisie te komen, die niet helemaal meer overeenkomt met zijn eerdere “futuristisch-pretribulationistisch-prechiliastische” uitleg. Het is me nogal wat om dat aan te durven!
Decennia hebben we te maken gehad met meerdere eindtijdvisies waarin de Opname van de Gemeente ter discussie stond; was het nu voor, tijdens of na de Grote verdrukking dat de Opname zou plaatsvinden. In 1991 kwam daar, de in ons taalgebied minder bekende Pre-Wrath Rapture visie nog bij. Aan de discussie wanneer de Opname plaatsvind komt nu een einde, tenminste als de eindtijdvisie die Ouweneel nu voorstaat, algemeen aanvaard zal worden. We wachten af.
Ik heb Ouweneels boek Het Lam, de draak & de Domtoren doorgelezen en zijn andere boeken die over dit thema gaan, en kom tot de volgende opmerkingen:
(1) De eerste vijf hoofddelen van het boek, bladzijden 13-96, geven geen aanleiding tot op- of aanmerking. Ze komen overeen met wat Willem Ouweneel altijd al heeft geleerd. De verschillen, of zo u wilt de nieuwe visie, komen aan het licht in Deel II “De zeventig jaarweken” waaraan uitgebreid aandacht wordt besteed.
(2) Ouweneel blijft, zoals voorheen, geloven in de opname van de Gemeente, het herstel en terugkeer van het volk Israël, de wederkomst van Christus op de Olijfberg en een toekomstig 1000-jarig vrederijk. Ook de imminente komst van de Heer Jezus voor de Gemeente is niet in het geding.
(3) Nieuw is echter, en daar spits zich de hele benadering zich op toe, dat hij (1) de laatste jaarweek van de zeventig jaarweken van Daniël 9 al als voltooid ziet in de eerste eeuw. (2) De Grote Verdrukking voor Israël is naar Ouweneels mening al achter de rug, en heeft geduurd van de bouw van de Rotskoepel op de Tempelberg in Jeruzalem in 688, tot op de stichting van de staat Israël in 1948. (3) Dat is exact een periode van 1260 dagen, die Ouweneel interpreteert als 1260 jaren. (Zie Op.12:6) (4) Dat de “gruwel der verwoesting” is de Rotskoepel op de Tempelberg in Jeruzalem. (5) Dat de “Grote Verdrukking nog doorloopt tot de wederkomst van Christus voor de Kerk c.q. Gemeente.
(4) Deze nieuwe interpretatie geeft Ouweneel de mogelijkheid dat hij ‘ontsnapt’, aan de eeuwige discussie of de Gemeente wel, niet of door een toekomstige Grote Verdrukking moet, want die plaatst hij in het verleden en niet meer als iets toekomstigs.
(5) Van Openbaring 3:1, het vers dat vaak wordt aangevoerd als bewijstekst van de Opname voor de Grote Verdrukking, zegt Ouweneel het volgende: “Hoe kunnen we zomaar zeggen dat “uur der verzoeking” en “Grote Verdrukking” hetzelfde zijn? Waarom wordt dit alleen tot de overwinnaars in Filadelfia gezegd? Hoe kunnen we zomaar zeggen dat “bewaren voor” betekent “opnemen voor’?
(6) Het zal tijd vergen om deze visie een plaats te geven in je denken; welk andere visie je ook hebt gevolgd. Er blijven veel vragen over om te beantwoorden. Mogelijk iets om te beantwoorden in een nieuw boek van Ouweneel?
(7) Voor wie zich verder wil verdiepen in deze nieuwe ontwikkeling in de eschatologisch denken van Ouweneel zijn de volgende boeken aan te bevelen: (1) De toekomst van God (2) De negende Koning, (3) De zevende koningin (4) Mozes, Messias en Mohammed, (5) Israël de hiel van Ezau, (6) God, de goden en de laatste Koning en tenslotte het belangrijkste boek waar de nieuwe visie het meest naar voren komt in de uitvoerige behandeling van de 70 jaarweken van Daniël 9. (7) Het Lam, de draak & de Domtoren.
(8) Tot slot denk ik dat het laatste woord over deze nieuwe kijk op de eindtijd, toegespitst op de uitleg van de zeventig jaarweken van Daniël 9, nog heel wat pennen in beweging zal brengen. Dan kan ook positief uitvallen want: “Zoals men ijzer met ijzer scherpt, zo scherpt de ene mens de ander.” staat in het boek Spreuken, met andere woorden: ik zie uit naar de discussie die hieruit zal ontstaan.