Eschatologie – Vragen – Nummer 27 – Chris Verhagen kritiek op de Opname

21 april, 2025

Eschatologie – Vragen

Nummer 27

Chris Verhagen kritiek op de Opname

Vraag

Kan ik de filmpjes die op het Youtube kanaal verschijnen onder de titel “Christelijke Apologeet” vertrouwen? Op dit een kanaal geeft ene Chris Verhagen zijn visie op een aantal Bijbelse leerstellingen. Ik denk vooral aan het filmpje dat handelt over de Opname waar hij veel kritiek op heeft.  Het filmpje heeft als titel: “De Opname van de Gemeente in Openbaring 4 – Exegese of eisegese?!”

Antwoord

Chris Verhagen is een aanhanger van het Postmillennialisme ook wel Postchiliasme genoemd. Aanhangers van die visie geloven in een nog nimmer vertoonde bloeitijd van de Kerk, die al of niet letterlijk duizend jaar zal duren. Dit staat haaks tegenover hen die de prechiliastische uitleg van de Bijbel aanhangen. Het postmillennialisme is al vaak besproken en veel serieuze bijbelonderzoekers becommentarieerd en als theologisch onhoudbaar verworpen. In het bedoelde filmpje bespreekt hij het prechiliastisme aan de hand van de volgende twee teksten Openbaring 4:1 en 1 Thessalonicenzen 4:13-18. Het is begrijpelijk dat Verhagen, vanuit zijn postmillennialistisch standpunt daar tegenin gaat. Hij legt echter niet uit hoe je die teksten dan wel moet uitleggen. Het is gemakkelijk kritiek te hebben op een ander standpunt, maar dan moet je er ook een uitleg erbij geven.

Mijn advies

Een van de gevaren van internet, en dus ook YouTube, is dat iedereen zijn visie erop kan plaatsen. Je moet eigenlijk vooraf weten waarnaar en naar wie je kijkt of luistert. Zoals gezegd is het postmillennialitisch standpunt theologisch onhoudbaar en het sluit niet aan bij de werkelijkheid van het Christendom in de huidige tijd, waarin we een groot verval zien. Onderzoek dus eerst wie de spreker is en wat zijn theologische achtergrond is. In dit geval zou ik zeggen: niet meer naar dit YouTube kanaal kijken. Tot zover mijn antwoord en voor die zich er verder in willen verdiepen plaats ik hierna nog twee korte uitleggingen van (1) Het postmillenialisme en (2) presuptionele apologetiek

Het postmillennialisme

Postmillennialisme is een interpretatie van Openbaring hoofdstuk 20, die stelt dat Christus’ wederkomst plaatsvindt na het “millennium”, een gouden eeuw of tijdperk van christelijke welvaart en dominantie. De term omvat verschillende vergelijkbare visies op de eindtijd en staat in contrast met premillennialisme (de opvatting dat Christus’ wederkomst zal plaatsvinden vóór Zijn duizendjarig rijk en dat het duizendjarig rijk een letterlijke regeerperiode van 1000 jaar is) en, in mindere mate, amillennialisme (geen letterlijk millennium). Postmillennialisme is de overtuiging dat Christus terugkeert na een bepaalde periode, maar niet noodzakelijkerwijs na een letterlijke periode van 1000 jaar. Degenen die deze visie aanhangen, interpreteren onvervulde profetieën niet op een normale, letterlijke manier. Zij geloven dat Openbaring 20:4-6 niet letterlijk genomen moet worden. Zij geloven dat “1000 jaar” simpelweg “een lange periode” betekent. Bovendien duidt het voorvoegsel “post-” in “postmillennialisme” op de opvatting dat Christus zal terugkeren nadat christenen (niet Christus Zelf) het koninkrijk op aarde hebben gevestigd. Degenen die het postmillennialisme aanhangen, geloven dat deze wereld steeds beter zal worden – alle bewijzen van het tegendeel ten spijt – en dat de hele wereld uiteindelijk “gekerstend” zal worden. Daarna zal Christus terugkeren. Dit is echter niet de visie op de wereld in de eindtijd die de Schrift presenteert. Uit het boek Openbaring blijkt duidelijk dat de wereld in die toekomstige tijd een verschrikkelijke plek zal zijn. Ook beschrijft Paulus in 2 Timoteüs 3:1-7 de laatste dagen als “verschrikkelijke tijden”. Degenen die het postmillennialisme aanhangen, gebruiken een niet-letterlijke methode om onvervulde profetieën te interpreteren, waarbij ze profetische passages vaak allegorisch interpreteren. Het probleem hiermee is dat wanneer de normale betekenis van een passage wordt losgelaten, de betekenis ervan volledig subjectief kan worden. Alle objectiviteit met betrekking tot de betekenis van woorden gaat verloren. Wanneer woorden hun betekenis verliezen, houdt de communicatie op. Dit is echter niet hoe God taal en communicatie bedoeld heeft. God communiceert met ons via Zijn geschreven woord, met objectieve betekenissen voor woorden, zodat ideeën en gedachten gecommuniceerd kunnen worden. Een normale, letterlijke interpretatie van de Schrift verwerpt het postmillennialisme en houdt vast aan een normale interpretatie van de gehele Schrift, inclusief onvervulde profetieën. We hebben honderden voorbeelden in de Schrift van vervulde profetieën. Neem bijvoorbeeld de profetieën over Christus in het Oude Testament. Die profetieën werden letterlijk vervuld. Denk aan de maagdelijke geboorte van Christus (Jesaja 7:14; Mattheüs 1:23). Denk aan Zijn dood voor onze zonden (Jesaja 53:4-9; 1 Petrus 2:24). Deze profetieën werden letterlijk vervuld, en dat is voldoende reden om aan te nemen dat God in de toekomst Zijn Woord letterlijk zal blijven vervullen. Het postmillennialisme schiet tekort omdat het de profetieën in de Bijbel subjectief interpreteert en stelt dat het duizendjarig rijk door de kerk zal worden gevestigd, niet door Christus Zelf.

Bron: Got Question

Wat is presuppositionele apologetiek?

Om mijn antwoord niet onnodig moeilijk en lang te maken plaats ik hier toch nog een uitleg over presuppositionele apologetiek, omdat Verhagen die apologetiek gebruikt en waarvan hij in een andere video de betekenis uitlegt.

Presuppositionele apologetiek is een benadering van apologetiek die tot doel heeft een rationele basis voor het christelijk geloof te presenteren en dit te verdedigen tegen bezwaren door de logische tekortkomingen van andere wereldbeelden bloot te leggen en zo aan te tonen dat het bijbelse theïsme het enige wereldbeeld is dat een consistente betekenis aan de werkelijkheid kan geven. Presuppositionele apologetiek sluit het gebruik van bewijs niet uit, maar dergelijk bewijs wordt niet op de traditionele manier gebruikt – dat wil zeggen, een beroep doen op de autoriteit van de autonome rede van de ongelovige. Presuppositionele apologetiek stelt dat er zonder een christelijk wereldbeeld geen consistente basis is waarop de mogelijkheid van een autonome rede kan worden aangenomen. Wanneer de materialist probeert het christendom te weerleggen door een beroep te doen op de deductieve rede, ontleent hij in feite aan het christelijke wereldbeeld en is hij dus inconsistent met zijn gestelde vooronderstellingen. De presuppositionele benadering van apologetiek vereist dat christenen en niet-christenen een intern onderzoek doen naar hun respectievelijke wereldbeelden en zo vaststellen of ze intern consistent zijn. De essentie van presuppositionele apologetiek is een poging om aan te tonen dat het wereldbeeld van de niet-christen hem dwingt tot een staat van subjectiviteit, irrationalisme en morele anarchie. Omdat het wereldbeeld van de ongelovige objectief onjuist is, bevat het noodzakelijkerwijs aantoonbare tegenstrijdigheden (bijvoorbeeld: hij velt morele oordelen, maar kan morele absolute waarden niet verklaren zonder het christelijke/theïstische wereldbeeld). De gelovige kan binnen het christelijke kader zaken als rationaliteit, logica, uniformiteit van de natuur, moraliteit, wetenschap, enz. verklaren, omdat het christelijke wereldbeeld in overeenstemming is met een transcendente realiteit. Kortom, de presuppositionele apologeet voert een interne kritiek uit op een gegeven wereldbeeld om aan te tonen dat het willekeurig, op zichzelf inconsistent is en de voorwaarden voor epistemologie mist. De presuppositionele apologeet kan zo een gegeven waarde die de ongelovige aanhangt, aannemen en hem aantonen dat als zijn eigen wereldbeeld waar zou zijn, die overtuiging zelf incoherent en/of betekenisloos zou zijn. Presuppositionele apologetiek probeert het christendom te bewijzen door te verwijzen naar de onmogelijkheid van het tegendeel. Met andere woorden, tenzij het christelijke wereldbeeld wordt verondersteld – bewust of onbewust – is er geen mogelijkheid om iets te bewijzen.

______________________________________________________________________________