Gods wijsheid geïllustreerd in het leven van Jozef
Voorwoord
“O, diepte van rijkdom, zowel van wijsheid als van kennis van God, hoe ondoorgrondelijk zijn zijn oordelen en onnaspeurlijk Zijn wegen! Want wie heeft de gedachten van de Heere gekend? Of wie is Zijn raadsman geweest? Of wie heeft Hem eerst iets gegeven en het zal hem vergolden worden? Want uit Hem en door Hem en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid, tot in eeuwigheid. Amen.” (Rom.11:33-36)
De apostel Paulus beëindigt het elfde hoofdstuk van de brief aan de Romeinen met het hierboven aangehaald tekstgedeelte, nadat hij in Romeinen 9-11 verleden, heden en toekomst van het volk Israël beschreven heeft. Een doxologie zoals je het zou kunnen typeren. Zijn conclusie was dat het volk Israël nog een geweldige toekomst te wachten staat wanneer haar ‘val’ in ‘volheid’ zal overgaan. Om dat te bewijzen beroept hij zich op vijf getuigen in Romeinen 11 namelijk: hemzelf, Elia, de volkeren, de olijfboom en God Zelf. Eeuwenlang is er onder invloed van de zgn. vervangingstheologie geen toekomst meer voor Israël in het vooruitzicht, omdat, zo zegt men, de Kerk in de plaats van Israël is gekomen. Gelukkig is in die bewering in de achter ons liggende twee eeuwen verandering gekomen. We kunnen ons met Paulus dan ook verbazen over de wonderlijke wegen die God met het volk Israël is gegaan eeuwenlang.
Inleiding
“God zond een man voor hen uit! (Ps.105:17)
Ook het leven van Jozef is een demonstratie van de wonderlijke manier waarop God zijn leven heeft geleid en daarover willen we in dit artikel nadenken. We kennen allemaal de geschiedenis van Jozef, hij is een prachtig beeld van de Heer Jezus in zijn vernedering en verhoging, en dat met het oog op het volk Israël. Jozef bedje was gespreid, zijn toekomst was min of meer al uitgetekend. Maar het zou echter heel anders gaan dan dat hij wellicht had gedacht en gehoopt! Zijn droom zou wel uitkomen maar niet op de manier zoals hij had verwacht. In Jozefs leven kwam een crisis en van de een op de andere dag veranderde zijn ‘wereld’. Die verandering leidde er echter toe dat zijn droom toch uitkwam en dat zijn broers zich voor hem gingen buigen! We kunnen hieruit leren dat Gods wegen anders zijn dan onze wegen, maar dat die wegen ook veel beter zijn, want Gods weg is volmaakt! (Jes.55:9; Ps.18:31). Waar het werkelijk om gaat in het leven van een gelovige, is niet zozeer de gebeurtenissen zelf die in ons leven voorkomen, maar ons antwoord op die gebeurtenissen. Niet het ‘waarom’, maar eerder het ‘waarvoor’. En als dat al voor iemand gold, dan zeker voor Jozef.
God heeft met alles zijn doel
“De Here heeft alles gemaakt voor zijn doel, ja, zelfs de goddeloze voor de dag des kwaads.” (Spr.16:4)
God stelt zich een doel en heeft een plan. De Schrift noemt dat de raad van God. “De raad des Heren houdt eeuwig stand, de gedachten zijns harten van geslacht tot geslacht.” (Ps.33:11) God heeft een plan voor zijn schepping: “De hemelen vertellen Gods eer, en het uitspansel verkondigt het werk zijner handen.” (Ps.19:11) God heeft een plan voor de volkeren. Er is een begin (Gen1:1) en een eind (Op.22). “Ik, die van den beginne de afloop verkondig en vanouds wat nog niet geschied is; die zegt: Mijn raadsbesluit zal volbracht worden en Ik zal al mijn welbehagen doen.” (Jes.46:10; 45:11) God bestuurd de wereld: “De Allerhoogste heeft macht over het koningschap der mensen en geeft dat aan wie Hij wil.” (Dan.4:25) “Hij maakte uit één bloed heel het menselijke geslacht om op heel de aardbodem te wonen; en Hij heeft de hun van tevoren toegemeten tijden bepaald, en de grenzen van hun woongebied, opdat zij de Heere zouden zoeken.” (Hand.17:26-28) God heeft ook een plan voor Israël zoals we hierboven gezien hebben, maar daar blijft het niet bij!
Gods plan voor Jozef
Als God een plan heeft voor de schepping, volkeren en Israël, zou Hij dan geen plan voor Jozef hebben gehad en zo ja, waaruit bestond dan plan en hoe kwam het tot stand? We weten dat God, vanaf de zondeval er naartoe gewerkt heeft om de mensheid een mogelijkheid te bieden terug tot Hem te kunnen komen. De Heer Jezus zegt: “Mijn Vader werkt tot nu toe en Ik werk ook.” (Joh.5:17) Dat werk is voltooid op het kruis van Golgotha. De Heer Jezus kon vooruitziende daarop, dan ook zeggen: “Ik heb U verheerlijkt op de aarde, terwijl Ik het werk heb voleindigd dat U Mij hebt te doen gegeven.” (Joh.17:4) Daarvan is het leven van Jozef dan ook een prachtig getuigenis. De geschiedenis van Jozef is voldoende bekend vermoed ik en de oplettende Bijbellezer zal wel hebben opgemerkt dat God van Jozef een man wilde maken. Had Jozef zijn verblijf in Egypte niet meegemaakt dan zou hij mogelijk een verwende jongen zijn geworden, ook mede door de blijken van voorkeur die zijn vader ten opzichte van zijn broers had. Maar God liet toe dat Jozef in Egypte terecht kwam, want zo wilde Hij een volk doen ontstaan. Het is dan dat God voor de eerste keer spreekt van ‘Mijn volk’ (Ex.3:7). Door het volk kregen we het Oude Testament; de wet van Mozes, de profeten en psalmen, kortweg de Schrift (Luk.24:27,45; Joh.5:39). Maar wat veel belangrijker is, dat uit het volk Israël de Heiland van de wereld geboren is! “Geboren uit een vrouw, geboren onder we wet.” (Gal4:4) God wilde de wereld redden en daarvoor ‘zond Hij een man voor hen en ons uit, de Heer Jezus, waarvan Jozef zo’n prachtig type is.
God heeft zijn eigen manier van handelen
“Want zoals de hemelen hoger zijn dan de aarde, zo zijn mijn wegen hoger dan uw wegen en mijn gedachten dan uw gedachten.” (Jes.55:9)
Veel mensen die zich bekeren tot God en tot geloof in Christus komen, denken dat daarmee hun problemen van de baan zijn, maar dat blijkt al snel een misvatting. Die problemen blijven vaak maar hebben vanaf dan een doel, en dat doel is dat we aan het beeld van zijn Zoon gelijkvormig worden (Rom.8:29). Zo ook het leven van Jozef, hij mocht een beeld, een type van de Heer Jezus worden. Ook de Heer Jezus heeft gehoorzaamheid geleerd, in de betekenis van “ondervonden”, uit wat Hij geleden heeft (Heb.5:8). Wanneer we ervan uitgaan dat Jozef een type is van de Heer Jezus, dan weten we dat lijden voorafgaat aan heerlijkheid. “Moest de Christus dit niet lijden, en zo in Zijn heerlijkheid binnengaan?” (Luk.24:26) Toen Jozef in Egypte kwam moest hij dienen in het huis van Potifar. “Want ook de Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen en Zijn leven te geven tot een losprijs voor velen.” (Mark.10:45) Zo kunnen we allerlei zaken opmerken in het leven van Jozef die ertoe dienden hem klaar te maken “Tot de tijd, dat zijn woord uitkwam, de uitspraak des Heren hem in het gelijk stelde. De koning zond heen en liet hem los, de heerser der volken maakte hem vrij; Hij stelde hem tot heer over zijn huis, tot heerser over al zijn bezit, Om zijn vorsten te binden naar zijn goeddunken, en zijn oudsten leerde hij wijsheid.” (Ps.105:19-22) Dat God zo zijn eigen wijze had van dingen te laten gebeuren zien we in de komst van zijn broers naar Egypte en de ontmoeting, en latere verzoening, tussen Jozef en zijn broers. Toen Hij hongersnood opriep over het land en alle staf des broods verbrak (Ps.105:16) werden de broers gedwongen om naar Egypte af te reizen. Daar vinden we die wonderlijke ontmoeting van Jozef met zijn broers en het plan van God voor hun leven werd bekendgemaakt. “Daarom heeft God mij voor u uitgezonden om u een voortbestaan te verzekeren op aarde, en om voor u een groot aantal geredden in het leven te behouden. Dus zijt gij het niet, die mij hierheen gezonden hebt, maar God.” (Gen.45:7-8)
God heeft geen haast
“Toen de volheid van de tijd gekomen was, zond God zijn Zoon.” (Gal.4:4)
God heeft geen haast want het duurde 13 jaar om Jozef, 80 jaar om Mozes en 30 jaar om de Heer Jezus voor te bereiden voor hun respectievelijke taak. Nee, God heeft geen haast ook niet met betrekking tot het werk van de verlossing; Hij vertraagt de belofte van zijn komst niet. “Maar laat dit ene u niet onbekend zijn, geliefden, dat één dag bij [de] Heer is als duizend jaar en duizend jaar als één dag. De Heer vertraagt de belofte niet zoals sommigen het voor traagheid houden, maar Hij is lankmoedig over u, daar Hij niet wil dat iemand verloren gaat, maar dat allen tot bekering komen.” (2Petr.3:8-9) Met het woordje “hoelang en waarom” begint Habakuk zijn profetie. Hij begrijpt Gods handelen niet en zit met veel vragen, maar het antwoord komt. “Want wel wacht het gezicht nog tot de bestemde tijd, maar het spoedt zich zonder falen naar het einde; als het vertoeft, verbeidt het, want komen zal het gewis; uitblijven zal het niet.” (Hab.2:3) Ook wij vragen ons misschien vaak af, wanneer komt de ‘dag van Jezus’, zijn terugkeer om ons, zoals Hij beloofd heeft, te brengen in het huis van de Vader? (Joh.14:1-4) Een vraag die eeuwenlang gelovigen heeft beziggehouden. Misschien kan het antwoord dat aan de Hebreeën gegeven is ons helpen. “Want u hebt volharding nodig, opdat u na de wil van God gedaan te hebben de belofte ontvangt. Want nog een zeer korte tijd en Hij Die komt, zal komen en niet uitblijven.” (Heb.10:36-37) Nee, God heeft geen haast en op de juiste tijd zal Hij ingrijpen, laten we daarop vertrouwen. Zijn beloften falen niet. “Hij Die deze dingen getuigt, zegt: Ja, Ik kom spoedig! Amen, kom, Heer Jezus! De genade van de Heer Jezus Christus zij met alle heiligen. Amen.” (Op.22:20-21)
God blijft trouw aan zijn beloften
“Belofte maakt schuld” zegt het spreekwoord. God had Jozef, in een droom, een geweldige toekomst beloofd, maar de vervulling daarvan liet op zich wachten. “Tot de tijd, dat zijn woord uitkwam, de uitspraak des Heren hem in het gelijk stelde.” (Ps.105:19) Dat betreft zowel zijn beloften van zegen, maar ook van oordeel (Mat.23:36). “Omdat het vonnis over de boze daad niet aanstonds voltrokken wordt, daarom is het hart der mensenkinderen in hen begerig om kwaad te doen.” (Pred.8:11) In de tijd die tussen de belofte en de vervulling ligt kan een hele lange periode zijn. En in die ‘tussentijd’ ontwikkeld God zijn plan met deze wereld en zijn volk Israël. Jozef, en ook wij, wij hopen op wat wij niet zien, maar verwachting het met volharding (Rom.8:23). De beloften en onze verwachting zijn gegrond op Gods Woord en zijn Woord is de waarheid (Joh.17:17). “God is geen man, dat Hij liegen zou; of een mensenkind, dat Hij berouw zou hebben. Zou Hij zeggen en niet doen, of spreken en niet volbrengen?” (Num.23:19) “Want hoeveel beloften van God er ook zijn, in Hem is het ja; daarom is ook door Hem het amen, tot heerlijkheid van God door ons.” (2Kor.2:20) Wij zien, met het oog van het geloof, de dingen die ons beloofd zijn in de verte en verlangen naar een beter, dat is een hemels vaderland (Vgl. Heb.11:16). En als onze verwachting werkelijkheid geworden is, dan zal dat onze verwachtingen ver te boven gaan; met geen pen te beschrijven. “Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen, wat God bereid heeft voor hen die Hem liefhebben” en het heerlijkst is dáár zien wij Jezus!
Tenslotte
Als God een plan voor de schepping, volkeren, Israël en Jozef heeft gehad, zou Hij dan geen plan voor u hebben? En als God een plan voor uw leven heeft, maakt u het Hem dan mogelijk opdat het in vervulling kan komen? Daarbij moet u er ook rekening mee houden dat we niet allemaal een ‘Jozef’ zijn. Ik bedoel u moet het plan van Gods voor uw leven niet te ver van huis zoeken. Maar ook: “Wat God in het leven van anderen heeft bewerkt, kan Hij ook in uw leven! Want we hebben dezelfde God als Jozef, Abraham, Mozes, David en zoveel anderen. Leest u en overdenkt u maar eens de lijst van “geloofshelden” die we in het elfde hoofdstuk van de brief aan de Hebreeën vinden. Het belangrijkste doel van God met uw leven is, dat zijn Zoon in uw leven gestalte krijgt en als dat zo is dan vloeien daaruit de andere dingen vanzelf voort. “Wie in Mij blijft en Ik in Hem draagt veel vrucht.” (Joh.15:5)