Oude Testament – Psalm 90 – De eeuwige God en de vergankelijke mens

20 juli, 2023

Bijbelboeken: Psalmen

Oude Testament

De eeuwige God en de vergankelijke mens’

Psalm 90

Inleiding

‘Woorden van wijzen, in rust aangehoord, zijn beter dan het geschreeuw van een heerser onder dwazen’ (Prediker 9:17)

Een ervaringsdeskundige aan het woord.

Dit is de oudste Psalm van alle Psalmen en was geschreven door Mozes, de man Gods (Joz.14:6; Ezra 3:2). Het gaat over onderwerpen die hun oorsprong hebben van na de zondeval. Deze onderwerpen zijn: de eeuwige God en de zwakke mens, leven en dood, een heilige God en zondige mensen, en de betekenis van het leven in een verwarde wereld. Het is mogelijk dat Mozes deze Psalm schreef na het falen van Israël in Kadesh-Barnea (Num.13-14), toen het volk veroordeeld werd om veertig jaar door de woestijn te trekken totdat de oudere generatie was gestorven. Die tragedie werd gevolgd door het sterven van Mozes’ zuster Miriam en zijn broer Aaron en tussen deze twee sterfgevallen, was Mozes aan God ongehoorzaam en sloeg de rots (Num.20:1-13). Hoe speelde Mozes het klaar ‘een man Gods’ te worden én dat te blijven na veertig jaar verblijf in Egypte dat eindigde in een fiasco, veertig jaar in Midian als een nederig schaapherder, en veertig jaar lang als leider van het volk door de woestijn? Het leven was niet gemakkelijk, maar Mozes overwon. Tijdens de woestijnreis had Mozes God ervaren (Deut.8; Joz.1:5) en in deze Psalm deelt hij zijn ervaringen met ons, opdat wij ook kracht voor de reis zouden ontvangen en overwinnaars zouden worden.

Tijd en eeuwigheid (Ps.90:1-6)

Eerst waren er zonnewijzers. Toen kwamen er waterklokken, zandlopers en mechanische klokken. Nu hebben we digitale klokken en uurwerken en meten we de tijd in honderdsten van een seconde. Onze cultuur heeft iets met de tijd. Daarom is het goed eens na te denken over wat Mozes zegt: ‘Here, Gij zijt ons een toevlucht geweest van geslacht tot geslacht; eer de bergen geboren waren, en Gij aarde en wereld hadt voortgebracht, ja, van eeuwigheid tot eeuwigheid zijt Gij God. Want duizend jaren zijn in uw ogen als de dag van gisteren, wanneer hij voorbijgegaan is, en als een nachtwake (vs.1-2, 4). Het is goed om Gods eeuwigheid beschouwen in het licht van de menselijke tijdelijkheid. Wij zijn schepselen in de tijd, maar God is eeuwig. ‘Waar waart gij, toen ik de aarde grondvestte?’ vroeg de Here aan Job (Job 38:4). De eeuwigheid waar wij voor staan ​​is in Zijn handen. Wij zijn stervelingen, en onze dagen zijn als het gras.  (Heb.9:27; Ps.103:15). De psalmist verteld ons ook dat God trouw is. Van generatie tot generatie, van eeuwigheid tot eeuwigheid. Hij is trouw geweest, en zal dat blijven. Hij is de God van Abraham, Izaäk en Jakob. Hij wil de God zijn van elke persoon. Hij is de God Die we kunnen vertrouwen. Laat Hem daarom de God van jouw leven zijn. Als je in Hem blijft en leeft tot eer van Hem, krijg je deel aan zijn heerlijkheid. De Bijbel zegt: ‘wie Gods wil doet blijft tot in eeuwigheid’ (1.Joh.2:17). Wat doe jij met je tijd? Petrus deelt zijn leven op in twee delen, vóór en ná zijn bekering, hij noemt dat ‘de rest van mijn leven’. ‘Zo iemand laat zich gedurende de rest van zijn leven niet meer leiden door menselijke verlangens maar door Gods wil’ (1Petr.4:2).

 ‘Voorwaar, wij zijn vreemdelingen en bijwoners voor uw aangezicht’ (1Kronieken 29:15).

Spreken over het leven (Ps.90:7-11)

De levensverwachting van de mens ligt tegenwoordig boven de zeventig jaar. Dat is goed nieuws, vijfentwintig jaar geleden lag dat een stuk lager. Misschien gaat het nog stijgen, maar in vergelijking tot de eeuwigheid is de levensduur van de mens erg kort. Daarom lezen we: ‘Zeventig jaar duren onze dagen, of tachtig als wij sterk zijn. Het beste daarvan is moeite en leed, het gaat snel voorbij en wij vliegen heen’ (vs.10). Dat klinkt als een nogal sombere uitspraak, maar het is waar. De ‘setting’ van Psalm 90 is te vinden in de gebeurtenissen die in Numeri 14 vermeld zijn. God had de Israëlieten rechtstreeks naar Kades-Barnea gebracht en gezegd: ‘Ga en neem het land in bezit!’ Maar ze deden het niet. Ze twijfelden aan Gods beloften en zijn wijsheid. Ze geloofden niet dat God hen in staat zou stellen om het land in te nemen. De consequentie was dat iedereen die ouder dan twintig jaar was zou sterven binnen de komende veertig jaar. En dat is wat gebeurde. De volgende veertig jaar trok het volk door de wildernis, terwijl de oude generatie stierf. God ging verder met de jonge generatie en het beloofde land werd door hen in bezit genomen. De oudere mensen wisten dat ze zouden sterven voordat ze het beloofde land zouden binnen trekken. Christenen weten dat wanneer zij sterven naar een plaats gaan die de Heer Jezus voor hen heeft bereid (Joh.14). Het is belangrijk ernst te maken met ons leven hier op aarde. Ja, ons leven wordt niet gespaard van moeiten en zorgen, en als de Heer niet spoedig komt zullen ook wij moeten sterven. Maar de dood leidt naar de eeuwigheid. En we leven vandaag met het uitzicht op het eeuwige leven. De Bijbel zegt: ‘maar wie Gods wil doet blijft tot in eeuwigheid’ (1Joh.2:17). Laten we in reactie op de beloofde heerlijkheid vandaag leven naar de wil van God.

‘Indien zij wijs waren, zouden zij dit verstaan, zij zouden op hun einde letten’ (Deut.32:28-29).

Een hart vol wijsheid (Ps.90:12)

‘Leer ons zó onze dagen tellen, dat wij een wijs hart bekomen’ (Ps.90:12). Deze woorden van Mozes vatten samen wat we moeten weten wil ons leven waarde hebben. We leven een dag met een keer. Normaal gesproken tellen we onze dagen niet, wel onze jaren. Als je jarig bent en iemand vraagt naar je leeftijd dan zeg je hem hoeveel jaar je bent. Maar we kunnen beter onze dagen tellen, want we leven een dag per keer. ‘Geef ons heden ons dagelijks brood’ (Mat.6:11). De hele schepping staat in het teken van de dag (Genesis 1). Geef ons een wijs hart!(vs.12). We dienen zorg te dragen voor ons hart, niet allen fysiek maar ook geestelijk. Daarom schreef Salomo: ‘Van alles waarover je waakt, waak vooral over je hart, het is de bron van je leven’ (Spr.4:23) Wat er in je hart is zal jouw leven bepalen. Om ‘geestelijk’ te overleven in deze wereld hebben we Gods wijsheid nodig. ‘Indien echter iemand van u in wijsheid te kort schiet, dan bidde hij God daarom, die aan allen geeft, eenvoudigweg en zonder verwijt; en zij zal hem gegeven worden’ (Jakobus 1:5). Kennis van Gods Woord is nodig om Gods wil te verstaan, wijsheid is nodig om die wil toe te passen in ons leven. ‘Daarom houden ook wij sedert de dag, dat wij dit gehoord hebben, niet op voor u te bidden en te vragen, dat gij met de rechte kennis van zijn wil vervuld moogt worden, in alle wijsheid en geestelijk inzicht, om de Here waardig te wandelen, Hem in alles te behagen, in alle goed werk vrucht te dragen en op te wassen in de rechte kennis van God’ (Kol.1:9-10). Uw werk niet voor niets. Psalm 90 eindigt met de gedachte dat ons werk voor de Heer niet vergeefs is (1Kor.15:58). ‘Want God is niet onrechtvaardig, dat Hij uw werk zou vergeten en de liefde, die gij voor zijn naam getoond hebt door de diensten, welke gij de heiligen bewezen hebt en nog bewijs’ (Hebreeën 6:10). Wellicht stelt u zich ook wel eens de vraag wat het werk dat u voor de Heer hebt gedaan heeft uitgewerkt. U staat daarin niet alleen. Nehemia heeft de Here ook vier keer gevraagd aan God om zijn werk te gedenken. ‘Gedenk mij, mijn God, hierom en wis de weldaden niet uit, die ik aan het huis van mijn God en aan zijn instellingen bewezen heb.’ (Neh.13:14, 22; 5:19; 13:31). Laten we in dagen van twijfel ons laten leiden door de beloften van Gods Woord en niet door onze gevoelens.

‘Zie, Ik kom spoedig en mijn loon is bij Mij om eenieder te vergelden, naardat zijn werk is’ (Op.22:12).

______________________________________________________________________________________________________________________________