Dagelijks Brood – Nummer 13 – Handelingen 14:22 – Het Koninkrijk van God binnengaan

3 maart, 2024

Dagelijks Brood

Nummer 13 – Handelingen 14:22

‘Het koninkrijk van God binnengaan’

‘Dagelijks Brood’ bestaat uit een reeks korte artikelen uit het Oude en Nieuwe Testament die het karakter hebben

van een geestelijke boodschap voor het dagelijks geloofsleven ter bemoediging, vertroosting of lering.

‘Dat wij door vele verdrukkingen het koninkrijk van God moeten binnengaan’

Inleiding

Vaak hebben nieuwe gelovigen een verkeerd beeld van het geloof. Men denkt bijvoorbeeld, nu ze de Heer Jezus hebben aangenomen, dat hun problemen opgelost zijn. Verkeerde of grote verwachtingen kunnen leiden tot teleurstelling, vandaar dat de apostel Paulus de gelovigen in Lystra, Iconium en Antiochië vermaand in het geloof te blijven en er rekening mee te houden dat zij door vele verdrukkingen het koninkrijk van God moeten binnengaan want…

… er is een vijand die ons belaagd

‘Weest nuchter, waakt, uw tegenpartij, de duivel, gaat rond als een briesende leeuw, op zoek wie hij zou kunnen verslinden’ (1Petr.5:8). Paulus had ‘vrees dat wellicht, zoals de slang Eva verleidde door haar sluwheid, uw gedachten bedorven en afgeweken zijn van de eenvoudigheid en de reinheid jegens Christus’ (2Kor.11:3). Satan, de duivel is reëel en aanwezig. Hij is de vader, de oorsprong van de leugen, een moordenaar van den beginne en de aanklager van de broeders (Joh.8:44; Op.12:10). Het is een geduchte vijand die we moeten weerstaan. Om dat te kunnen heeft God ons een complete wapenrusting gegeven, om stand te houden tegen de listen van de duivel (Ef.6:11).

… er is een vijandige wereld rondom ons

Het is uiteraard niet de planeet aarde als zodanig, het is hetgeen ín de wereld is. De hele wereld ligt in de boze; in de invloedsfeer van de duivel, want hij is overste van de wereld (Joh.12:31; 16:11; 14:30; Luk.4:6). En wij, kinderen van God, volgelingen van Jezus Christus, zijn niet van de wereld, maar wél in de wereld! Zolang wij in de wereld zijn en de wereld niet in ons is, is het goed. Het is niet voor niets dat Johannes zegt: ‘Hebt de wereld niet lief, noch wat in de wereld is’ (1Joh.2:15), want: ‘Wee de wereld vanwege de aanleidingen tot vallen! (Mat.18:7). Die waarschuwing heeft Demas niet ter harte genomen, want zegt Paulus: ‘Demas heeft mij verlaten, daar hij de tegenwoordige wereld heeft lief gekregen’ (2Tim.4:10). We zijn gewaarschuwd!

… er is een geestelijk kracht in ons

‘Hij die in u is, is groter dan hij die in de wereld is’ (1Joh.4:4). Dit zegt Johannes over de Heilige Geest die aan ons gegeven heeft (1Joh.3:24). ‘Ik vermag alles door Hem die mij kracht geeft’ (Fil.4:13). Het schijnt dat van die inwoning van de Heilige Geest niet alle gelovigen op de hoogte waren. Zo schrijft Paulus aan de gelovigen te Korinthe: ‘Of weet u niet, dat uw lichaam de tempel is van de Heilige Geest die in u is, die u van God hebt, en dat u niet van uzelf bent’ (1Kor.6:19). Door het niet kennen van aanwezigheid en de inwoning van de Heilige Geest, missen veel gelovigen de kracht om te volharden. Toen Paulus op zijn reizen in Efeze kwam en er enige discipelen vond, vroeg hij hen: Hebt u wel de Heilige Geest ontvangen toen u tot geloof kwam? Zij echter zeiden tot hem: Wij hebben zelfs niet gehoord of de Heilige Geest er is’ (Hand.19:2). Zo zijn er wellicht ook nu veel ‘discipelen’ die nooit gehoord hebben van de inwoning van de Heilige Geest in de gelovige en beseffen niet wat ze daardoor missen en wat voor een kracht dat kan betekenen!

… er ligt een hemelse heerlijkheid vóór ons klaar

Vlak voor Jezus’ hemelvaart, aan het eind van zijn aardse bediening, zei de Heer Jezus tot zijn discipelen: ‘Moest de Christus dit niet lijden, en zo zijn heerlijkheid binnengaan? (Luk.24:26). Ook wij moeten door veel verdrukkingen het koninkrijk van God binnengaan. ‘Het lijden van de tegenwoordige tijd is niet waard om te vergeleken te worden met de heerlijkheid die aan ons geopenbaard zal worden’ (Rom.818), aldus de apostel Paulus. Met andere woorden: het is de moeite meer dan waard om vol te houden! De heerlijkheid die ons voorgesteld wordt is mogelijk geworden door drie dingen. Ten eerste, door het gebed van de Heer Jezus tot de Vader: ‘Vader, wat u Mij hebt gegeven – Ik wil dat waar Ik ben, ook zij bij mij zijn, opdat ze mijn heerlijkheid aanschouwen’ (Joh.17:24). Ten tweede door Jezus’ verlossingswerk op het kruis, waar Hij voor de zonden geleden heeft, Hij de Rechtvaardige voor de onrechtvaardige, opdat Hij ons tot God zou brengen’ (1Petr.3:18). En ten derde, de Heer Jezus heeft het beloofd: ‘In het huis van mijn Vader zijn vele woningen; als het niet zo was, zou Ik het u hebben gezegd, want Ik ga heen om u plaats te bereiden. En als Ik ben heengegaan en u plaats heb bereid, kom Ik weer en zal u tot Mij nemen, opdat ook u zult zijn waar Ik ben’ (Joh.14:2-3). Dus, laten wij ‘met volharding de wedloop lopen die vóór ons ligt, terwijl wij zien op Jezus, de overste leidsman en voleinder van het geloof, die om de vreugde die vóór Hem lag, het kruis heeft verdragen’ (Heb.12:1-2).

____________________________________________________________________________________________________