De Toekomst- Eschatologie voor Beginners – Deel 6 – Zeventig Jaarweken

22 juli, 2023

Rubrieken: De Toekomst

Bijbelboeken: Daniël

Eschatologie

‘Eschatologie voor beginners’

Deel 6 – De zeventig jaarweken

Daniël 9:20-27

Terwijl ik mijn gebed nog uitsprak, kwam de man Gabriël, die ik in het begin in het visioen gezien had, snel aangevlogen en raakte mij aan, omstreeks de tijd van het avondoffer. Hij begon mij te onderwijzen en sprak met mij. Hij zei: Daniël, nu ben ik eropuit gegaan om u de betekenis te doen begrijpen. Bij het begin van uw smeekbeden is er een woord uitgegaan en nu ben ik zelf gekomen om u dat te vertellen, want u bent zeer gewenst. Begrijp dan dit woord en krijg inzicht in het visioen. Zeventig weken zijn er bepaald over uw volk en uw heilige stad, om de overtreding te beëindigen, de zonden te verzegelen, de ongerechtigheid te verzoenen, om een eeuwige gerechtigheid tot stand te brengen, om visioen en profeet te verzegelen, en om de Heiligheid van heiligheden te zalven. U moet weten en begrijpen: vanaf de tijd dat het woord uitgaat om te laten terugkeren en om Jeruzalem te herbouwen tot op Messias, de Vorst, verstrijken er zeven weken en tweeënzestig weken. Plein en gracht zullen opnieuw gebouwd worden, maar wel in benauwde tijden. Na de tweeënzestig weken zal de Messias uitgeroeid worden, maar het zal niet voor Hemzelf zijn. Een volk van een vorst, een volk dat komen zal, zal de stad en het heiligdom te gronde richten. Het einde ervan zal zijn in de overstromende vloed en tot het einde toe zal er oorlog zijn, verwoestingen waartoe vast besloten is. Hij zal voor velen het verbond versterken, één week lang. Halverwege de week zal Hij slachtoffer en graanoffer doen ophouden. Over de gruwelijke vleugel zal een verwoester zijn, zelfs tot aan de voleinding, die, vastbesloten, uitgegoten zal worden over de verwoeste.’

Inleiding

In Daniël 9:21-27 geeft de engel Gabriël nader onderricht aan de profeet aangaande de door hem genoemde tijdruimte van zeventig ‘weken’, die betrekking hebben op Israël en Jeruzalem, ‘om de overtreding te voleindigen, de zonde af te sluiten, de ongerechtigheid te verzoenen en om eeuwige gerechtigheid te brengen, gezicht en profeet te bezegelen en iets allerheiligst te zalven’ (Dn9:24). Uit deze tekst valt duidelijk op te maken, dat na de zeventig weken een einde zal komen aan Israëls overtreding, terwijl zijn zonden zullen worden verzoend. Dan breekt het rijk van eeuwige gerechtigheid aan, waarin de visioenen en profetieën hun eindvervulling zullen vinden en waarin ook ‘iets allerheiligst’ zal worden gezalfd. Dit laatste slaat waarschijnlijk op de inwijding van de toekomstige laatste tempel, zoals wij dat beschreven vinden in Ezechiël 40-45. Het is zonder meer duidelijk – en het wordt door de geschiedenis bevestigd – dat in dit verband met ‘weken’ moet worden gedacht aan ‘weken’ van zeven jaar, die wij dan ook gemakshalve ‘jaarweken’ noemen. In feite betreffen de zeventig jaarweken uit Daniël de tijd, die ligt tussen het einde van de Babylonische ballingschap en het begin van het duizendjarig rijk. Zij worden verdeeld over de volgende tijdvakken:

1e. Herbouw Jeruzalem                                                                                                                      7 weken

2e. Van de herbouw tot op de komst en verwerping van Christus                                    62 weken

3e. Onbepaalde tussen tijd waarin Israël terzijde is gesteld. Duurt vanaf het ontstaan van de Gemeente tot aan de opname.

4e. De Grote Verdrukking, tijdens de Antichrist                                                                       1 week

Totaal                                                                                                                                                          70 weken

Daniëls ‘70 Jaarweken’ profetie is een van de meest verbazingwekkende en belangrijke profetieën in de Schrift. Een Boek dat de toekomst in detail voorzegt met een volmaakte nauwkeurigheid is een Goddelijk Boek! De 70 weken zijn weken van jaren (70 x 7 = 490 profetische jaren van 360 dagen). Dit is evident door de vervulling. Tijdens deze 70-jarige periode zullen Gods oordelen over Israël volbracht worden en Christus zal terugkomen om het koninkrijk op te richten. De engel vertelt Daniël dat de profetie betrekking heeft op zijn eigen volk, de Joden, en op de heilige stad, welke Jeruzalem is (Dan.9:24). De eerste 69 weken (69 x 7 = 483 profetische jaren van 360 dagen) lopen van de tijd dat het bevel werd gegeven om ‘Jeruzalem te herbouwen’ na de Babylonische ballingschap tot de tijd de ‘Messias uitgeroeid’ wordt.

Er zijn twee bevelen van Perzische koningen met betrekking tot de herbouw van Jeruzalem. Ten eerste was er het bevel in 536 v.Chr. van Cyrus voor Zerubbabel om de tempel te bouwen (Ezr.1:1-3). Ten tweede was er het bevel in 444 v.Chr. door Artaxerxes voor Nehemia om de muren van de stad te herbouwen (Neh.2:1-8). Vermits Daniël 9:25 in het bijzonder spreekt van de herbouw van de stad (straten en muur/omwalling/grachten), blijkt het dat Artaxerxes’ bevel de 69 weken deed ingaan. Er zijn diverse moeilijkheden met het bepalen van de exacte datums die daarbij betrokken zijn. Twee van deze gaan zo: Ten eerste, Joden en Babyloniërs en Perzen gebruikten verschillende kalenders met verschillende maanden. De Juliaanse of Romeinse kalender is anders evenals de Gregoriaanse kalender in onze tijd. Daarom is het moeilijk precies te weten in welk jaar van onze kalender Christus werd geboren en wanneer Hij stierf. Ten tweede, de Joodse en Perzische kalenders telden jaren van 360 dagen in plaats van de 365 (365,2425 gemiddeld) dagen in onze Gregoriaanse kalender. Dit betekent dat 483 profetische jaren in Daniël 9 = 69 x 7 x 360 = 173.880 dagen, of 173.880: 365,2425 = 476,0672 onze Greg. kal. jaren. Door een bepaalde berekening werd het bevel van Artaxerxes aan Nehemia gegeven in 445 v.Chr. en door een andere berekening was dit 444 v.Chr. Sir Robert Anderson, een jurist en rechercheur bij Scotland Yard en briljant bijbelstudent, concludeerde dat het bevel werd gegeven op 14 maart 445 v.Chr. en Christus reed Jeruzalem op een ezel binnen op 6 april 32 n.Chr. Hij documenteerde deze positie in zijn 1895-boek The Coming Prince. Vanuit ons perspectief 2500 jaar later is het moeilijk de exacte datums te kennen van de profetie, maar het belangrijkste is dat de Joden in die dagen wisten hoe deze datums te berekenen, en zij hadden geen excuus om niet exact te weten wanneer de Messias in de wereld zou komen of wat er kon gebeuren wanneer Hij kwam. Wij stemmen in met volgende verklaring:

‘Als Gabriël zelf zegt dat Jezus exact 483 jaar later zou afgesneden worden, wie ben ik dan om te argumenteren wanneer het decreet uitkwam, in 456, 457 of 458, gewoon omdat ik de mathematische bekwaamheid niet heb om het precies vast te pinnen? Ik geloof dat er genoeg bewijs is om aan iedereen aan te tonen dat deze profetie van de 490 jaren de tijdsspanne vormt vanaf dat Artaxerxes zijn bevel gaf om Jeruzalem te herstellen totdat Jezus kwam om Zijn bediening te vervullen op aarde’ (“The Beginning of the 490 Years”, http://dedication.www3.50megs.com/457.html). Daniël’s profetie beschrijft vier grote gebeurtenissen die gebeurden na het bevel om Jeruzalem te herbouwen. Ten eerste, de straten en muren moesten herbouwd worden. Dit werd gecompleteerd in 7 weken of 49 jaar (Dan.9:25). Het bevel om Jeruzalem te herbouwen werd gegeven in 444 v.Chr. De muren werden het volgende jaar gecompleteerd, en het werk zal blijkbaar nog 48 jaar voortgeduurd hebben voor de herbouw van de stad. Dit werd volbracht in ‘beroerde tijden’, zoals we zien in Nehemia. Ten tweede, 69 weken na het bevel werd de Messias ‘uitgeroeid, maar niet voor Hemzelf’, en dat betekent Zijn dood aan het kruis voor de zonden van de mensheid (Dan.9:25-26). Zijn dood was plaatsvervangend. De 69 weken (483 dagen volgens de Joodse kalender en 476 jaren volgens onze kalender) eindigde toen de Messias kwam als ‘de Vorst’ (vers 25). Dit gebeurde toen Christus Jeruzalem binnenkwam op een ezel, enkele dagen vóór Zijn kruisiging en Hij werd toegejuicht als ‘de Koning, Die daar komt in de Naam van de Heere’ (Zach.9:9; Luk.19:37-38). Ten derde, De stad en de tempel werden verwoest (Dan.9:26). Dit gebeurde in 70 n.Chr. door de Romeinse legers onder generaal Titus. Ten vierde, ‘tot het einde toe zal er oorlog zijn, verwoestingen’. Dit is een perfecte beschrijving van de laatste 2000 jaar van Israëls geschiedenis, en dit beschrijft ook wat met Israël zal gebeuren juist vóór de wederkomst van Christus. Zelfs vandaag, alhoewel Israël terug is in het land, kent ze geen vrede, en ze zal geen vrede hebben totdat ze berouw krijgt, zich bekeert en haar Messias, Jezus, ontvangen zal. De finale week, of zeven jaren, van Daniëls profetie moet nog vervuld worden (Dan.9:27), en het is deze periode die Jezus beschrijft in Mattheüs 24. Tussen de 69ste en 70ste week (tussen Dan.9:26 en 9:27) bevindt zich de periode van de Gemeente, welke een ‘verborgenheid’ of ‘geheimenis’ wordt genoemd omdat ze niet onthuld was aan de oudtestamentische profeten (Ef.3:3-6). De periode of bedeling van de Gemeente is als een vallei die de oudtestamentische profeten niet zagen, namelijk tussen de twee pieken van de eerste en tweede komst van Christus. Paulus beschrijft de kerkbedeling als de tijd van Israëls blindheid in Romeinen 11:25-27.

De finale week, of zeven jaren, van Daniëls profetie is verdeeld in twee delen (Dan.9:27). Aan het begin van de zeven jaren zal de Antichrist een vals vredesverbond sluiten met Israël. Het is mogelijk dat in die tijd de Joodse tempel zal herbouwd worden in Jeruzalem. Halverwege deze zeven jaren zal de Antichrist dit verbond verbreken en zichzelf tot God verheffen. Vergelijk 2 Thessalonicenzen 2:3-4. Deze gebeurtenis markeert het begin van de 3,5 jaar van de Grote Verdrukking. Jezus zei over die gebeurtenis ‘Wanneer u dan de gruwel van de verwoesting, waarvan gesproken is door de profeet Daniël, zult zien staan op de heilige plaats …’ (Mat.24:15).

Openbaring 6-19 beschrijft dezelfde tijdsperiode (de laatste “week” van Daniëls visioen) en ook Openbaring verdeelt de tijd in twee periodes van 3,5 jaar. Tijdens de eerste helft van de Verdrukking zullen de Twee Getuigen van Openbaring 11 prediken gedurende 1260 dagen, of 3,5 jaar (Op.11:3). Tijdens de tweede helft zal de Antichrist 42 maanden of 3,5 jaar heersen (Op.13:5), en het bekeerde Israël zal de wildernis in vluchten voor 1260 dagen of 3,5 jaar (Op.12:6).

______________________________________________________________________________________________________________________________