Nieuwe Testament – Jezus’ hemelvaart – Handelingen 1

7 augustus, 2023

         Nieuw Testament – Handelingen

                                 Jezus’ hemelvaart

                                     Handelingen 1

                            Betekenis en Gevolgen

‘Want Johannes doopte wel met water, maar u zult met de Heilige Geest gedoopt worden, niet vele dagen hierna’ (Handelingen 1:1-12)(Markus16:19-20; Lukas 24:44-52; Efeziërs 1:15-23; Filippiërs 2:9-11)

Voorwoord

De hemelvaart van Christus is van alle zogenaamde christelijke feestdagen de minst bekende, hoewel dat ook van Pinksteren gezegd kan worden. Bij Pinksteren ligt die ‘onbekendheid’ daarin dat men de betekenis moeilijk kan duiden. Ik ben geen voorstander om deze, en andere gebeurtenissen die verband houden met het leven van de Heer Jezus, in een kerkelijk kader te plaatsen, maar het is wel goed om er aandacht te besteden, want waarom worden ze anders in de Bijbel vermeld? En het is nog meer nodig omdat in deze geseculariseerde maatschappij er geen enkele kennis meer over is.

Inleiding

De Heer Jezus voer op ten hemel, de Geest kwam wonen op aarde, dat is wat er gebeurde vijftig dagen na de opstanding van de Heer Jezus uit het graf. De Heer Jezus begon zijn dienst op aarde door veertig dagen verzocht te worden door de duivel in de woestijn (Mat.4:12), en Hij beëindigde zijn dienst op aarde door veertig dagen onderwijs te geven aan zijn discipelen ‘betreffende het koninkrijk van God’ (Hand.1:3). In de evangeliën wordt ook wel over de hemelvaart gesproken, maar er volgt geen verdere verklaring. We lezen bijvoorbeeld in Luk.24:51: ‘Hij scheidde van hen en werd opgenomen in de hemel’. Mark.16:19 vermeld alleen de gebeurtenis: ‘De Heer Jezus dan, nadat Hij tot hen had gesproken, werd opgenomen in de hemel’. Johannes vermeld de gebeurtenis als aanstaande: ‘Ik ben nog niet opgevaren’ (Joh.20:17). De Heer Zelf spreekt over ‘heengaan tot de Vader’ (Joh.7:33; 14:12; 16:10) en van ‘verhoogd worden’ (Joh.3:14; 8:28) en ‘verheerlijkt worden’ (Joh.12:23; 13:31).

Na deze inleiding willen we dan over gaan om na te gaan wat de Heer Jezus, na zijn heengaan tot de Vader, nog voor ons doet en betekent.

De hemelvaart van Jezus maakte de komst van de Heilige Geest mogelijk

Door de hemelvaart van de Heer Jezus werd het mogelijk dat de Heilige Geest kon komen, want de Heer had zelf gezegd: ‘Maar, Ik zeg u de waarheid: het is nuttig voor u dat Ik wegga; want als Ik niet wegga, zal de Voorspraak niet tot u komen; maar als Ik heenga, zal Ik Hem tot u zenden’ (Joh.16:7) En ook nog: ‘De Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet was verheerlijkt’ (7:39). Door de komst van de Heilige Geest werden de discipelen in staat gesteld om het onderwijs betreffende het Koninkrijk van God en het evangelie van genade uit te dragen in deze wereld. ‘Maar u zult kracht ontvangen wanneer de Heilige Geest over u komt, en u zult mijn getuigen zijn’ (Hand.1:8). Wat de Geest doet en heeft gedaan in deze wereld tot op vandaag de dag, kunnen we terugvinden in het boek Handelingen en in de kerkgeschiedenis. De hemelvaart van de Heer Jezus en de gevolgen daarmee verbonden is het onderwerp van dit artikel.

De Heer Jezus zette zich aan Gods rechterhand

Voor zover we kunnen nagaan waren er in de tempel geen stoelen aanwezig om te gaan zitten en uit te rusten. Dat wil ons zeggen dat het werk van de Heer Jezus, dat op aarde was verricht en volbracht, werd voortgezet in de hemel. De taak van een priester was nooit gedaan, en de Heer Jezus is onze Hogepriester! Paulus schrijft in de brief aan de Filippiërs dat de Heer Jezus is ‘neergedaald’ naar deze wereld om de gestalte van een slaaf aan te nemen, en daarna van zijn ‘verhoging’ in de hemel waardoor alles Hem onderworpen is (Fil.2:1-11; Ef.4:8-10).

Teruggekeerd naar de hemel, luidt het woord van de Here tot mijn Here, zegt David in Psalm 110:1 – Zet u aan mijn rechterhand, totdat Ik uw vijanden gelegd heb als een voetbank voor uw voeten’ (Ps.110:1). Deze Psalm vinden we eenentwintig keer in de Bijbel vermeld, waarvan vijf keer in het Bijbelboek Hebreeën. De Heer Jezus is gezeten aan Gods rechterhand, boven alle overheid, gezag, kracht en heerschappij en elke naam die genoemd wordt, niet alleen in deze, maar ook in de toekomstige eeuw (Ef.1:20-21; Hand.2:34-35; 1Petr.3:22).

Het is belangrijk te weten dat op het moment dat iemand de Heer Jezus aanneemt als zijn verlosser en Heer, de Heilige Geest het lichaam tot zijn tempel maakt. ‘’Of weet u niet dat uw lichaam de tempel is van de Heilige Geest!’ (1Kor.6:19). Christus woont in mij! Die relatie maakt je gelijk met de Heer Jezus in zijn dood, begrafenis en opstanding (Rom.6:1-7; Gal.2:20), maar ook in zijn hemelvaart en kroning (Ef.2:1-10). We zijn immers met én in Hem gezeten in de hemelse gewesten! (Ef.2:6).

Zoals gezegd, het gegeven dat de Heer Jezus is opgevaren naar de hemel, wil niet zeggen dat Hij niet meer actief is, integendeel, in de hemel dient de Heer Jezus de gelovigen en is Hij onze Hogepriester en geeft ons de genade die we nodig hebben om Gods wil te leren kennen en staande te blijven in beproevingen en verzoekingen (Heb.4:14). Als we gezondigd hebben is Hij onze Voorspraak bij de Vader (1Joh.1:5-2:2). Als Voorloper is Hij het hemelse heiligdom binnengegaan waarin we Hem mogen volgen tot gemeenschap (Heb.6:20). In de hemel is Hij de Bemiddelaar tussen ons en God (Heb.7:25; 1Tim.2:5), zoals de Heilige Geest dat op aarde is (Rom.8:26-27).

De Heer Jezus geeft en ontvangt

Eén van de doelen van de hemelvaart van de Heer Jezus en het zich zetten aan Gods rechterhand is, dat hij de mensen gaven heeft gegeven. Zo zegt Psalm 68 – ‘Gij zijt opgevaren naar den hoge; Gij hebt gevangenen meegevoerd; Gij hebt gaven in ontvangst genomen onder de mensen’ (Ps.68:18-19). In de brief aan de Efeziërs wordt naar deze Psalm verwezen en gezegd: ‘Opgevaren naar de hoge heeft Hij de gevangenschap gevangen genomen en heeft de mensen gaven gegeven’ (Ef.4:8). Deze gaven worden in vers 11 vermeld: apostelen, profeten, evangelisten, herders en leraars. Zo voorziet God in al onze behoeften naar zijn rijkdom in heerlijkheid in Christus Jezus’ (Fil.4:19; Kol.2:3). De Heer Jezus heeft alles gegeven, zelfs zijn leven op het kruis van Golgotha. Nu Hij in de hemel is, zorgt hij voor zijn Gemeente die Hij in alles voorziet zodat ze Hem kunnen dienen. De Heer Jezus vraagt voor de gelovigen op aarde, niet voor de wereld (Joh.17:9).

Maar de Heer Jezus geeft niet alleen, Hij verwacht ook van de gelovigen dank, lofprijs, gehoorzaamheid en de bereidheid Hem te dienen in deze wereld. We moeten bedenken dat wij alles wat wij aan Hem geven, eerst ontvangen hebben. Zo zegt David: ‘Wie toch ben ik, en wat is mijn volk, dat wij in staat zouden zijn zulke vrijwillige gaven te schenken? Want het komt alles van U, en wij geven het U uit uw hand’ (1Kron.29:14). De Heer verlangt naar ons hart en liefde (Spr.23:26), mijn lichaam, en een vernieuwd denken en wil (Rom.12:1-2). Hij wil geheel mijn geest, ziel en lichaam (1Thes.5:23). Hij zou het graag zien dat wij al onze beschikbare tijd aan Hem wijden en Hem danken voor onze, door Hem verkregen geestelijke welvaart. Door zijn armoede, zijn wij rijk geworden’ (2Kor.9:7). En wat mogen wij ontvangen van de Opgestane Heer? Onze behoudenis (Ef.2:8-9), genade (Jak.4:6), ons dagelijks brood (Mat.6:11), het Woord van God (Joh.17:8), de Heilige Geest (Joh.14:16) en gaat u zo maar door! Zou God, die zelfs zijn eigen Zoon niet gespaard heeft, ons met Hem ook niet alle dingen schenken? (Rom.8:32).

De Heer Jezus is vóór ons en tegen onze vijanden

‘Vertrekt, vertrekt, gaat uit vandaar; raakt het onreine niet aan, gaat weg uit haar midden, reinigt u, gij die de vaten des Heren draagt. Want niet overhaast zult gij uittrekken en niet in vlucht heengaan: de Here immers gaat voor u heen en uw achterhoede is de God van Israël’ (Jes.52:11-12). Deze belofte gegeven aan het volk Israël geeft weer wat ook wij mogen weten en ervaren. ‘Als God voor ons is, wie zou tegen ons zijn? (Rom.8:31). Of, om het met de woorden van de evangelist Johannes te zeggen: ‘Wanneer hij al zijn eigen schapen heeft uitgedreven, gaat hij voor hen uit; en de schapen volgen hem’ (Joh.10:4). En zijn schapen luisteren naar de herder die tot hen spreekt. En hoe spreekt hij? Wel de Heer Jezus, die de Herder is, spreekt door zijn Woord en Geest, als wij de Bijbel openen opent God zijn mond. Luisteren wij naar Gods stem, onderzoeken wij het Woord van God?

‘De poorten van de hades (of dodenrijk) zullen haar niet overweldigen’, dat was wat de Heer Jezus had gezegd over de Gemeente tegen de discipelen. In de loop van de eeuwen zijn de gelovigen, en dus ook de Gemeente, het voorwerp geweest van vervolging. Maar de Heer Jezus maakte zich één met zijn Gemeente door te zeggen: ‘Saul, Saul, waarom vervolg je Mij? (Hand.9:5) Of, om het met de woorden van Jesaja te zeggen: ‘In al hun benauwdheden was ook Hij benauwd’ (Jes.63:9).

Het begon al vroeg, toen er na de steniging van Stéfanus, een vervolging uitbrak tegen de gemeente te Jeruzalem (Hand.8:1). ‘Saulus echter verwoestte de gemeente, terwijl hij huis na huis binnenging en mannen en vrouwen meesleepte, en hij leverde hen over in de gevangenis’ (Hand.8:3; 9:1; 22:4; 26:10-12). Ook door de Romeinse overheid werd het de gelovigen niet gemakkelijk gemaakt. En zo is het doorgegaan, in de eeuwen die achter ons liggen en tot op de dag van vandaag worden de gelovigen vervolgd om de naam van de Heer Jezus. In zijn tijd heeft Petrus zijn eerste brief geschreven en de gelovigen bemoedigd met deze woorden: ‘Geliefden, laat de vuurgloed in uw midden die tot uw beproeving dient, u niet bevreemden alsof u iets vreemds overkwam; maar naarmate u deelhebt aan het lijden van Christus, verblijdt u, opdat u zich ook verblijdt met vreugdegejuich bij de openbaring van zijn heerlijkheid. Als u in de naam van Christus smaad lijdt, bent u gelukkig, omdat de Geest van de heerlijkheid en kracht Die van God op u rust’ (1Petr.4:12-14).

De Heer Jezus houdt alles in stand en bouwt

In het universum, waarvan de planeet aarde slechts een klein deel van uitmaakt, wordt alles bij elkaar gehouden door bepaalde wetmatigheden, zeggen de wetenschappers. Maar waar komen deze wetmatigheden vandaan? De cirkelvormige beweging van de hemellichamen, zoals de zon, sterren en planeten wijst op hun volmaaktheid, aldus Thomas van Aquino, een middeleeuwse theoloog. Thomas nam aan dat dit kosmologisch argument het bestaan van God aantoont (godsbewijs). Gewoonlijk neemt het de vorm aan van ‘er moet een eerste oorzaak geweest zijn van alles wat bestaat’. Zoals bij een uurwerk dat toch ooit door ‘iemand’ in gang gezet is door de slinger in beweging te brengen. Maar wie heeft de slinger in beweging gebracht en wie houdt alles in stand?

De Bijbel leert dat door de Heer Jezus alle dingen zijn geworden (Joh.1:1-3). ‘In Hem, dat is in zijn kracht, zijn alle dingen geschapen en alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen. En Hij is vóór alle dingen en alle dingen bestaan samen in Hem’ (Kol.1:15-17). Daar is geen mens aan te pas gekomen en ook geen toeval, daarover is de Bijbel duidelijk! Maar Christus is niet alleen de Schepper van hemel en aarde, maar ook de Onderhouder ervan. ‘Daarom houden wij onze hoop gevestigd op de levende God, die een Onderhouder is van alle mensen, het meest van de gelovigen’ (1Tim.4:10). De Heer Jezus is de Zoon door Wie de werelden gemaakt zijn… en die alle dingen draagt door het woord van zijn kracht’ (Heb.1:2-3). Het Griekse woord dat hier gebruikt wordt, wil zeggen dat Christus de bewaarder van het heelal is, alles samenhoudt en in gang houdt voor het doel waarvoor ze in aanzien zijn geroepen.

Maar de Heer Jezus onderhoudt niet alleen zijn schepping, Hij bouwt ook zijn Gemeente en verwacht dat ook wij ons daarvoor inzetten. ‘Want Gods medearbeiders zijn wij… maar laat ieder uitkijken hoe hij erop bouwt’ (1Kor.3:9-17; Mat.16:18; Ef.2:19-22; 1Petr.2:4-6). Ook wij worden persoonlijk opgebouwd en wel door het Woord (Hand.20:32), waardoor we opgroeien tot behoudenis (1Petr.2:2). De Heer bouwt ons op door het Woord, Hij bouwt zijn Gemeente en is heengegaan om ons plaats te bereiden in het huis van de Vader.

De Heer Jezus opent en sluit

De Heer Jezus liet de gelovigen te Filadelfia weten, dat alleen Hij de sleutel heeft om deuren te openen en te sluiten. ‘Dit zegt de Heilige, de Waarachtige, die de sleutel van David heeft, die opent en niemand zal sluiten, en die sluit en niemand opent’ (Op.3:7-8). In de Bijbel is een ‘open deur’ een metafoor voor een gelegenheid tot dienst. Bijvoorbeeld: ‘Toen ik nu in Troas kwam voor het evangelie van Christus en mij een deur geopend was in de Heer’ (2Kor.2:12; 1Kor.16:8-9; Kol.4:13; Hand.14:27). De Gemeente van God is hier op aarde om de God te dienen en om het evangelie uit te dragen naar de ongelovigen. We vragen ons vaak af hoe we mensen achter gesloten deuren kunnen bereiken, maar de Heer kan onverwacht deuren openen. Toen Lukas het boek Handelingen schreef had hij als titel kunnen gebruiken: ‘Het boek van de open deuren’. Want we lezen daar over deuren die open gingen om te getuigen tot leiders van het volk, procurators, koningen, gewone burgers of gevangenen. We kunnen en mogen deuren niet forceren maar dienen te wachten op de Heer want alleen Hij kan deuren openen en sluiten! Zo werd de deur voor Paulus gesloten in Frygië, maar de deur naar Macedonië ging open. Paulus ontmoette Lydia en God opende haar hart! Paulus werd in de gevangenis geworpen, de gevangenisbewaarder kwam tot geloof, de deur van de gevangenis ging open voor Paulus en hij mocht de gevangenis weer verlaten (Hand.16:6-10).

Decennialang was Oost-Europa gesloten gebied door het IJzeren Gordijn, maar eind jaren tachtig ging deze gesloten deur open en kon Gods Woord, de Bijbel in grote hoeveelheden binnengebracht worden.

Tenslotte

Hemelvaart, alleen maar een gebeurtenis zonder gevolgen of betekenis? Na het lezen van dit artikel of het beluisteren van deze preek weten we wel beter. Hemelvaart symboliseerde het einde van Jezus’ dienst op aarde en maakte plaats voor de Heilige Geest om het werk voort te zetten, waaraan u en ik mogen meewerken. En als de ‘hemelvaart van alle gelovigen’ (de Opname) komt, dan pas is onze dienst hier beëindigd en mogen wij Gods rust binnengaan, maar tot dat moment mogen we ‘handeldrijven’! Dat is de betekenis van Hemelvaart!

____________________________________________________________________________________________