Vraag en Antwoord – Waarom dopen ze in de Rooms-Katholieke kerk kinderen? – Nummer 42

24 december, 2023

Rubrieken: Vraag en Antwoord

Vraag en Antwoord

Nummer 42

 

Vraag:

Waarom dopen ze in de Rooms-Katholieke kerk kinderen?

Antwoord:

In tegenstelling tot de Protestantse kerken, die zich voor de toepassing van de kinderdoop baseren op de Verbondsleer zoals door Calvijn geïntroduceerd, baseert de Rooms-Katholieke kerk zich voor wat betreft de toepassing van de doop aan kinderen op het onderwijs van Augustinus van Hippo (354-430).

Augustinus stelde dat de mens zo was geschapen dat hij kon zondigen (posse peccare). Door de zondeval kan de mens niet níet zondigen (non posse non peccare). Wanneer Jezus wederkomt en de mensen leven op de nieuwe aarde, zal men nooit meer kunnen en willen zondigen (non posse peccare). Deze laatste staat van de mens overtreft de staat van de mens in het paradijs vóór de zondeval.

Uit deze leer van Augustinus leidde men de leer van de eeuwige verdoeming van de ongedoopte kinderen af en consequent daarmee beklemtoonden gezaghebbende figuren als Caesarius van Arles (rond 470–542) en Isodorus van Sevilla (560-636) de noodzaak van de kinderdoop. ‘Wegens de erfzonde worden zelfs de allerkleinsten gedoopt’, ‘De pasgeboren kinderen ondergaan de hellestraffen alleen wegens de erfzonde, als ze niet vernieuwd worden door het bad van het doopsel’.

De inburgering van de kinderdoop had een onmiddellijke weerslag op de doopmomenten. Zeker met het oog op de hoge kindersterfte was het onverantwoord kinderen ongedoopt te laten sterven omdat (bijvoorbeeld) de paaswake nog veraf was. Derhalve werden de doopmomenten meer gespreid. Eerst kwam elk feest in aanmerking en vervolgens mocht op onverschillig welke (zon)dag gedoopt worden.

Het begrip ‘erfzonde’ komt niet in de Bijbel voor, maar is volgens de christelijke leer het gevolg van de zondeval; de van Adam geërfde zondige natuur.

______________________________________________________________________________